Zoeken

De mentale gezondheid in Nederland staat onder druk.  De vraag naar geestelijke gezondheidszorg nam de afgelopen twaalf jaar veel harder toe dan de uitgaven daaraan. Door een verhoudingsgewijs grotere toestroom naar de lichtere vormen van ggz-zorg staat de toegang tot de specialistische ggz onder druk. Precies dé problemen in de ggz die Trimbos noemt in haar onderzoek ‘Ggz uit de knel’, herkent branchevereniging de Nederlandse ggz. Voorzitter Ruth Peetoom: “Het maakt heel helder voor welke uitdagingen we staan, niet alleen als ggz maar vooral als hele samenleving.”

Met het oog op het rondetafelgesprek over de stijging van het aantal mensen met een psychische stoornis in de Tweede Kamer, komt dit onderzoek heel gelegen. Peetoom: “Duidelijk is dat als de samenleving op de huidige voet doorgaat, steeds meer mensen mentaal vast zullen lopen. Niet alleen de gezondheidszorg is aan zet, maar ook partijen in de schuldhulpverlening, werk en inkomen, onderwijs en huisvesting. Daarnaast kan door vroeg signaleren van mentale problematiek en door een laagdrempelige, integrale aanpak op al deze domeinen verergering van klachten worden voorkomen. Daarom zijn we al een poos bezig met een brede vernieuwingsslag binnen onze eigen sector, maar ook samen met andere partijen zoals bijvoorbeeld gemeenten en woningbouwverenigingen. We bundelen onze krachten en leren van elkaar.”

‘Niet gek dat er wachttijden zijn’

De onderzoekers becijferden dat tussen 2009 en 2021 het ggz-budget groeide met 11 procent, terwijl het aantal mensen dat psychische stoornissen ontwikkelde in dezelfde periode met 53 procent steeg ‘en het zoeken van ggz-hulp daarvoor nog meer. Tussen 2012 en 2017 was er zelfs een periode met reële daling van het ggz-budget en krimp van de personeelsformatie’. Een belangrijke reden waarom de sector al jaren te maken heeft met wachttijden. 

Peetoom: “Het is bij zo’n stijgende zorgvraag eigenlijk al een wonder dat de wachttijden niet nog sneller zijn gestegen. De wachttijdenaanpak van de sector lijkt dus te helpen, maar dit is wel dweilen met de kraan open. Bovendien zijn er grenzen aan wat ons land collectief kan uitgeven aan geestelijke gezondheidszorg. Ook wij willen als sector de zorg toegankelijk en betaalbaar houden en hieraan een bijdrage leveren. Daarom hebben wij het integraal zorgakkoord getekend en gaan wij intensiever samenwerken met de huisartsen en de gemeenten. Om samen te kijken met welke hulp mensen met mentale problemen het best geholpen zijn. En dat hoeft niet altijd ggz-zorg te zijn. Iemand met grote schulden en een depressie wordt waarschijnlijk beter geholpen door een schuldhulpverlener dan een ggz-professional. En in andere situaties hebben mensen soms meer aan hulp van wijkteams, mensen in het buurthuis, welzijnsmedewerkers, of aan leefstijlinterventies.” 

‘Oplossing ligt niet alleen bij de gezondheidszorg’

De onderzoekers denken overigens dat er meer nodig is dan wat is afgesproken in het integraal zorgakkoord om de wachttijden te doen afnemen. Uit het onderzoek: ‘Wij achten het waarschijnlijker dat geslaagde hervormingen uiteindelijk leiden tot een ongeveer even grote ggz (qua aantallen cliënten en kosten), dan tot een fundamenteel grotere of kleinere ggz dan de huidige. Het gaat nu om én-én-én: vernieuwing binnen de ggz én buiten de ggz én de stimulering van de onderlinge samenhang daartussen.’ 

De Nederlandse ggz onderschrijft dit. “De oorzaken voor de stijging van mentale problemen moeten we vooral ook zoeken in de ontwikkelingen in de samenleving. De samenleving is voor veel mensen door toenemende individualisering en prestatiedruk heel ingewikkeld geworden. Het leven is niet altijd gemakkelijk, maar de oplossing hiervoor ligt niet altijd bij de gezondheidszorg. We zullen meer moeten gaan inzetten op de veerkracht van mensen. En dat zullen we met veel meer partijen moeten doen én in samenhang,” benadrukt Peetoom.